Eigen geld bij het kopen van een huis
Je kunt een huis niet volledig met een hypotheek financieren. Bijkomende kosten moet je altijd zelf betalen, en in een markt waar overbieden de norm is, soms ook een deel van de koopsom. Hoeveel eigen geld heb je nodig, waar komt het vandaan en wat doe je als je nog niet genoeg spaargeld hebt? Dit artikel geeft je een helder beeld.
Inhoudsopgave
Waarom heb je eigen geld nodig?
Tot 2018 was het mogelijk om een hypotheek af te sluiten van meer dan 100% van de woningwaarde, inclusief bijkomende kosten. Die mogelijkheid bestaat niet meer. Banken mogen je maximaal 100% van de getaxeerde marktwaarde lenen. De bijkomende kosten vallen buiten die grens en komen daarmee volledig voor jouw rekening.
Dat zijn de kosten koper: overdrachtsbelasting, notariskosten, taxatiekosten, hypotheekadvies en eventueel een aankoopmakelaar. Alles wat de aankoop makkelijker, zekerder of goedkoper maakt, betaal je zelf.
De 100%-regel
Je leent maximaal 100% van de marktwaarde. Betaal je bij een overbod meer dan de taxatiewaarde, dan is het verschil voor jouw rekening. Bij een bod van €380.000 op een woning die getaxeerd wordt op €360.000, moet je €20.000 uit eigen middelen bijleggen, plus de bijkomende kosten.
Hoeveel eigen geld heb je nodig?
Als vuistregel geldt 4 tot 6 procent van de koopsom voor de bijkomende kosten. Dat is de minimale ondergrens. Hoe je situatie er precies uitziet, verschilt:
| Situatie | Eigen geld nodig |
|---|---|
| Starter, eerste woning, jonger dan 35, woning onder €525.000 | 3,5 – 4,5% van de koopsom (geen overdrachtsbelasting) |
| Koper ouder dan 35, bestaande woning | 5 – 7% van de koopsom (incl. 2% overdrachtsbelasting) |
| Koopsom hoger dan taxatiewaarde (overbod) | Bovenstaande percentages + het verschil koopsom/taxatie |
| Beleggingswoning / tweede woning | 30 – 35% van de koopsom (hypotheek max. 70–80%) |
Rekenvoorbeeld
Starter van 29 jaar koopt woning van €320.000 (taxatie: €315.000)
| Post | Bedrag |
|---|---|
| Overdrachtsbelasting | €0 (startersvrijstelling) |
| Notariskosten (levering + hypotheek) | ±€1.800 |
| Taxatiekosten | ±€600 |
| Hypotheekadvies | ±€2.500 |
| Overbod t.o.v. taxatiewaarde | €5.000 (€320k – €315k) |
| Totaal eigen geld nodig | ±€9.900 |
Eigen geld en de waarborgsom
Na het tekenen van de koopovereenkomst moet je binnen twee tot vier weken een waarborgsom storten: 10% van de koopsom. Dat is eigen geld dat je tijdelijk inlegt als zekerheid voor de verkoper. Bij de overdracht wordt dit verrekend met de totale koopsom, zodat je het terugkrijgt (in de vorm van een lagere hypotheekopname).
Heb je de waarborgsom niet direct beschikbaar? Dan kun je een bankgarantie aanvragen. Dat is een garantieverklaring van jouw bank die de verkoper hetzelfde zekerheid biedt als een gestort bedrag. Meer hierover lees je op de pagina waarborgsom of bankgarantie.
Waar komt eigen geld vandaan?
Eigen geld kan uit verschillende bronnen komen. De meest gebruikelijke zijn spaargeld, overwaarde uit een vorige woning, en schenkingen van ouders of familie. Minder gangbaar maar ook mogelijk: een erfenis, een uitkering van een levensverzekering of het desinvesteren van beleggingen.
Banken vragen soms om inzage in de herkomst van jouw eigen geld, zeker als het gaat om grotere bedragen. Dit is een anti-witwascontrole en volledig normaal. Zorg dat je kunt aantonen waar het geld vandaan komt.
Schenking van ouders
Ouders mogen jaarlijks een belastingvrije schenking doen. Er geldt een verhoogde vrijstelling voor schenkingen die worden gebruikt voor de aankoop van een woning. De exacte vrijstellingsgrenzen en regels veranderen regelmatig. Raadpleeg hiervoor een financieel adviseur of de actuele informatie van de Belastingdienst.
Een schenking voor een woning moet op het moment van gebruik direct worden aangewend. Geld dat je al eerder hebt ontvangen en op de spaarrekening hebt laten staan, telt gewoon als spaargeld. Zorg dat schenkingen goed worden gedocumenteerd, ook voor de hypotheekadviseur en de notaris.
Wat als je te weinig eigen geld hebt?
Heb je nog niet genoeg spaargeld bij elkaar? Er zijn een paar mogelijkheden. Ten eerste: sparen en wachten. Onaantrekkelijk als de huizenprijzen stijgen, maar financieel de veiligste route. Ten tweede: kijken naar een woning die aan jouw hypotheekruimte past zonder overbod, zodat je het verschil tussen koopsom en taxatiewaarde niet hoeft bij te leggen.
Er zijn ook lokale regelingen, zoals de starterslening van het SVn, die je in sommige gemeenten extra financiering bieden bovenop je hypotheek. Vraag bij jouw gemeente na of zo'n regeling beschikbaar is.
In Zutphen zien onze makelaars vaak dat starters die nog niet genoeg eigen geld hebben, toch mogelijkheden hebben om hun eerste woning te kopen. De gemeente Zutphen biedt bijvoorbeeld een Starterslening, waarmee je extra financiering krijgt bovenop je hypotheek. Deze lening kan het verschil overbruggen tussen wat je maximaal kunt lenen bij de bank en de kosten van je eerste koopwoning. Voorwaarden, zoals maximale woningprijs en zelfbewoning, vind je op de website van de gemeente.
Daarnaast adviseren wij onze klanten vaak om realistisch te kijken naar woningen die passen bij hun hypotheekruimte.
Door deze strategieën te combineren, gebruik van de starterslening en slimme keuzes in type en locatie, zien wij dat starters vaak wél een huis kunnen kopen, ook als ze nog niet veel eigen geld hebben gespaard.
Eigen geld bij nieuwbouw
Bij een nieuwbouwwoning die "vrij op naam" wordt verkocht, betaal je geen overdrachtsbelasting en geen notariskosten voor de leveringsakte. Dat scheelt je al snel 2 tot 3 procent van de koopsom. Je betaalt wel BTW (die is verwerkt in de koopsom), hypotheekadvieskosten en notariskosten voor de hypotheekakte.
Nieuwbouw heeft een ander betalingsritme: je betaalt in termijnen naarmate de bouw vordert. Dit maakt een bouwdepot nodig, en ook eigen geld voor de bouwrente tijdens de bouwtijd. Lees meer op de pagina vrij op naam.
Wil je weten hoeveel eigen geld jij nodig hebt voor jouw specifieke situatie? Een Garantiemakelaar denkt met je mee.
Vind een makelaar bij je in de buurt